Denulstenaer
Hulsterweetjes Test

Door al de jaren dat ik in het archief van de gemeente Hulst aan het doorstruinen was, heb ik vele zaken gezien, bekeken en uitgewerkt. Het zijn van die zaken die te klein zijn voor een boek en te groot om op de website:
www.vriendenvanhethulsterarchief.nl te zetten. Daarom heb ik gekozen om een boek uit te brengen met deze uitgewerkte archiefstukken.
Zoals ik al zei zijn het stukken van diverse aard die een stukje van de geschiedenis van het Land van Hulst langs een andere kant laten zien.
Er zit dus geen logica in de volgorde van de artikelen, laat u verassen of niet dat kan natuurlijk ook, maar ga in uw gedachte eens terug in de tijd en u zult denken: “dat heb ik nog geweten”. Er zijn mogelijk artikelen tussen die u niet aanspreken maar lees het eens en dan heeft u na het lezen misschien een andere kijk op bepaalde zaken.

Het eerste hoofdstuk is een dagboek dat geschreven door Pieter Schiffer die gehuwd was met Carolina Albertijn. Schiffer begint te schrijven in 1818. Hij legt heel zijn familie uit maar ook wat er zich afspeelt in Hulst. Schiffer is koster en organist van de Sint Willibrorduskerk en hij hield zijn administratie goed bij en die noteerde hij ook zijn dagboeken. Ook dit artikel heb ik gelaten zoals het is dus met taalfouten en dat maakt het alsof u tweehonderd jaar terug in de tijd gaat. Geniet van stuk en er zullen misschien vragen opborrelen of dingen opgelost worden. Zo weet ik niet wat Gouwe groote boomen zijn die hij plant op 17 maart 1848? Schiffer vermeldt het inhalen van burgemeester P. Pierssens op 12 augustus 1850. Op 1 oktober 1857 schrijft hij: 1 october is tresia van Kemsiek huijs vrouw van J. Gielte 4 clas [begraven] f 00,55 voldaen.
U zult nog veel meer lezen en de wenkbrauwen ophalen: “wat bedoelt hij hier mee?”

Het tweede hoofdstuk gaat over Elisabeth Asselman – de Witte, een kloek vrouw die bijna 106 jaar is geworden. Er zijn foto’s van haar begrafenis en dat was voor mij de reden om iets meer te gaan uitzoeken over Betje de Witte zoals ze werd genoemd.

Het derde hoofdstuk legt uit waarom de Hulstenaars Kallasââischâiters worden genoemd en Hulst de koekenstad.

Het vierde hoofdstuk is weer een boekwerk dat in opdracht van burgemeester en wethouders is gemaakt door D.W.C. Hattinga in 1769. Ik heb weer, luie mens ben ik eigenlijk, het boek overgenomen zoals in het boek staat. Dit weer om u een indruk te geven en ook een inkijk in hoe men vroeger bepaalde data verwerkte in een boek. Hattinga is van beroep landmeter dus was hij de aangewezen persoon om de onroerende goederen in kaart te brengen. Alles werd gemeten en overgebracht op een mooie kaart die achteraan in dit artikel kunt vinden. Als u dit stuk gelezen heb dan weet u ook wie waar woonde in de tweede helft van de 18de eeuw in Hulst.

Het vijfde hoofdstuk is het criminele hoofdstuk in het boek. Met een diepere uitwerking van de Criminele zaken van 1666 tot 1761. Lees hoe onze voorouders gestraft werden voor hun misdaden.

Het zesde hoofdstuk gaat over de gebroeders Mostaert waarna een straat vernoemd is in de Dullaartwijk. Deze schilders familie kent haar oorsprong in Haarlem en via Hulst gingen ze naar Antwerpen. Van de gebroeders zijn enkele schilderijen bekend maar niet erg bekend. Misschien dat u na het lezen van dit hoofdstuk de gebroeders Mostaert weet te waarderen op hun artistieke kunstwerken.

Het zevende hoofdstuk gaat over de familie Wouters die in Sint Jansteen van groot belang is geweest. Er is te Sint Jansteen een Wouterstraat. Wie was die man en hoe zat zijn familie er uit. Dit uniek document bevindt zich in het gemeentearchief en is voor zover ik weet het enige genealogisch document waarin de familiewapens van de diverse families in het Land van Hulst verweven zijn. Het enige dat ik gedaan heb is het document overgenomen zoals het origineel. Dus is het geen correct Nederlands en de bladzijden zijn niet allemaal gevuld en dat geeft dan weer mooi aan hoe het origineel eruit ziet.

Hoofdstuk acht is de briefwisseling tussen een dokter en de gemeenteraad van Hontenisse. De briefwisseling gaat over het weigeren van medische hulp aan een vrouw door de gemeente-arts.
Het waarom dat hij de vrouw geen bezoek bracht komt niet duidelijk naar voren.

Het negende hoofdstuk gaat over het Galgebolwerk. En waarom dan wel? Nu er zijn foto’s van dat bolwerk en op sommige staat een grote tent, de zogenaamde longeertent en er zijn ook foto’s waarop een huisje staat naast de longeertent. Over dat huisje, waar niemand van weet van wie het was en waarom het daar stond wordt in dit artikel rechtgezet. Naast het huisje is er een hele uitleg over de longeertent en waarom die daar gekomen is. Een artikel waarvan de geschiedenis van Hulst iets meer ontsloten is.

Het tiende hoofdstuk was voor mij een verrassing. In het archief van de familie Brand bevindt zich een map waarop staat invoernummer 197. Deze map bevat een uniek stukje Hulst. Er is in 1920 een herensociëteit opgericht in Het Bonte Hert onder leiding van Jan Brand. De sociëteit heette “De Vriendschap” en bestond alleen uit heren van Hulst, van buiten Hulst lag een beetje gevoelig. De heren hadden dikwijls “vergaderingen” waarbij goed gegeten en vooral gedronken werd. Er is een foto waarop diverse heren staan en door de jaren heen met een verkeerd bijschrift. In dit artikel weet u wie de heren zijn en waarom de foto gemaakt is. Ze grepen elke gelegenheid aan om daar een feest van te maken. Bij afscheid van hun voorzitter hebben de heren een boekje gemaakt met liedjes die dan weer slaan op de vertrekkende voorzitter. De wijze waarop de liedjes gezongen moeten worden zal voor vele onbekend zijn, net zoals bij mij. Laat u verrassen en zoekt de zangwijze op en probeer de nummers te zingen.

Het elfde hoofdstuk gaat over de familie Wilking. Waarom kwamen ze naar hier? En wat betekende dat voor Hulst? Ik dit stuk probeer ik de oplossing daarvan uit te leggen. Het is een artikel met een lach en een traan en daar bedoel ik dan de grote brand in 1969. Ik heb het genoegen gehad om Bernard Wilking te mogen interviewen over de Tweede Wereldoorlog. Maar met Bernard Wilking te praten is niet mogelijk het is een stroom van woorden. Hij heeft het gehad over de kerk, zijn familie, de brand en wat daarna nog overbleef. Na het lezen van dit stuk komt de brand van 1969 voor u ogen en hoe jammer dat was dat zo’n monumentaal gebouw verloren is gegaan en wat er voor in de plaats is gekomen. Er zijn een aantal zaken die ik nog weet en dat is de grote houten trap en eenmaal boven de treintjes die opgesteld stonden op een grote tafel.

In het laatste hoofdstuk nummer 12 heb ik een aantal losse aantekeningen verwerkt, zo van die café-weetjes. Een beetje van alles en nog wat om het boek iets dikker te maken.

Inhoudsopgave
Dagboek van Pieter Schiffer
Elisabeth Asselman – de Witte
Kallasââischâiters in de koekenstad
Chijnsboek gemaakt door D.W.C. Hattinga in 1769
De criminele rolle
De gebroeders Mostaert, schilders van Hulst
De genealogie van Willem Wouters van Sint Jansteen
Het Galgebolwerk
De herensociëteit De Vriendschap
Familie Wilking
Dit wist u ook niet

Wilt u dit boek? Schrijf dan in via
denulstenaer@gmail.com onder vermelding van uw naam en adres.

Wat kost u dat? € 35, - per stuk.

Leverbaar eind november en u ontvang daar bericht zodra het boek geleverd is.





Inschrijven
Naam:
E-mail:
Telefoon:
Adres:
Aantal boeken:
Opmerkingen:

Contact
Denulstenaer:
Tonny van Kemseke
E-mail:
Telefoon:
06-53791927